Trouwen en de champagne

 

Dus jullie zoeken een lekkere champagne voor bij de receptie…




“Goeiemiddag.”

“Goeiemiddag. Kan ik u misschien ergens mee helpen?”

“Ehm… Nou eigenlijk wel. Wij gaan binnenkort trouwen en we zoeken lekkere champagne voor bij de receptie. Maar we hebben er niet zo heel veel verstand van. We drinken eigenlijk niet zo vaak champagne, hè schat?”

“Nee. Nou ja, op andere recepties wel natuurlijk. En toen ik je net had gevraagd. Maar verder niet zo vaak, nee.”


“Toen je mij vroeg dronken we volgens mij geen échte champagne, hoor. Dat was iets van cava ofzo. Ook best lekker trouwens. En thuis drinken we meestal gewoon een glaasje wijn.”

“Champagne is officieel ook een wijnsoort. Omdat ze mousserend is, smaakt champagne anders dan de meeste wijnen, maar ze is ook gemaakt van druiven. Dat zijn altijd druiven uit de Franse Champagne-streek. Drank die ergens anders is gemaakt, mag je geen champagne noemen.”

“O. Nooit geweten. Wist jij dat, lieffie?”

“Eh…nee.”

“Dus eigenlijk is het gewoon een soort van witte wijn?”


“Het ligt iets ingewikkelder. Champagne wordt gemaakt van witte en blauwe druiven. Alleen de witte Chardonnay druif mag worden gebruikt en de enige rode druivensoorten die zijn toegestaan zijn de Pinot Noir en de Pinot Meunier. Soms worden er alleen maar witte druiven gebruikt. Zulke champagne heet Blanc des Blancs. Misschien heb je daarvan wel eens gehoord.
Het productieproces van champagne is ook een beetje anders dan dat van ‘gewone’ wijn. Eerst ontstaat door gisting een droge basiswijn. Om er dan nog champagne van te maken, worden meestal verschillende van deze basiswijnen – samen noemen ze dat een Millésimé – bij elkaar gedaan. Aan dit goedje wordt een scheutje liqueur du tirage, een mengsel van rietsuiker, belegen wijn en gist, toegevoegd. En dan gaat de stop op de fles. Na ongeveer twee maanden is de drank in de fles gegist. Er zit dan koolzuur in de fles, en dat zorgt voor de bubbeltjes in de champagne.”

“Jeetje, wat ingewikkeld allemaal. Hoe kom je d’rop…”

“De methode is in de zeventiende eeuw bedacht door een Franse monnik, Dom Pérignon. Dat is trouwens ook nog steeds een bekende merknaam. Maar we zijn er nog niet, want de champagne moet daarna nog zeker een jaar blijven liggen. Af en toe worden ze gedraaid, en daarbij verschuift alle viezigheid langzamerhand richting de hals. Om die eruit te krijgen, laten ze de hals bevriezen. Met een machine wordt uiteindelijk het bevroren vuil uit de fles verwijderd. Degorgeren, of in het Frans remuage – zo noemen ze dat.”

“Tja, het blijft een Frans drankje. En dan is ‘la champagne’ dus klaar?”

“Le champagne is dan bijna klaar. Met la Champagne verwijs je naar de streek. Voordat de flessen worden verzegeld, wordt er nog een liqueur d’expédition toegevoegd, een met suiker gemengde wijn. Die bepaalt uiteindelijk hoe zoet de champagne wordt.”

“U weet er een heleboel van, zeg. Vind je niet, schat, dat die meneer er een heleboel vanaf weet?”

“Ja, maar we hebben nog niks uitgezocht.”

“Het kiezen van de juiste champagne heeft natuurlijk veel met smaak te maken. Ik had het er net over dat de hoeveelheid liqueur d’expédition bepaalt hoe zoet de champagne wordt. Bij champagne spreek je over ‘brut’ en ‘doux’.”

“Aha, nog meer Frans. Maar dat snap ik geloof ik nog wel.”

“Heel erg droge champagne heet non dosé. Soms heet dat ook wel brut nature, ultra brut, extra brut of brut intégrale. Tussen brut en doux liggen heel veel gradaties.”

“En staat dat dan ook op het etiket?”

“Ja, meestal staat daar wel iets over het suikergehalte op, bijvoorbeeld ‘brut’. Maar je kunt er nog wel meer informatie op vinden, zoals de herkomst, de naam van de producent, de hoeveelheid, het percentage aan alcohol en het jaar. Zie je dat?”

 “Ja, ik zie het. Maar u heeft ons niet alles verteld. Want hier zie ik bijvoorbeeld nog ‘ND’ staan en eh… ‘premier cru’.”

“Klopt. Aan die twee letters kun je zien wie de champagne heeft gebotteld.”

“Zegt u nou gebotteld? Da’s Engels.”

“Eh…ja. Maar ‘ND’ staat dan weer voor het Franse négociant distributeur, een wijnhandelaar of handelsmaatschappij die gebottelde champagne koopt en van etiketten voorziet. Er zijn zeven afkortingen mogelijk, waaruit blijkt of er bijvoorbeeld alleen een kleine wijnboer aan te pas kwam of dat er sprake was van een groot merk dat champagne inkoopt en alleen nog maar etiketten op de flessen plakt. Premier cru is een aanduiding die te maken heeft met de kwaliteit. Er zijn drie verschillende klassen, die gebaseerd zijn op de kwaliteit van de gebruikte druiven: grand cru champagne is van de hoogste kwaliteit. Daarna komt premier cru en ten slotte champagne sans cru.”

“Dus als we goeie champagne willen hebben, moeten we grand cru kiezen. En wat is nou een goed jaar?”

“Nou, zo eenvoudig ligt het misschien niet. Kies vooral iets wat je lekker vindt en proef eens een paar verschillende champagnes. En wat betreft dat jaartal: dat staat alleen genoemd bij goede champagnes. Die noem je vintage champagnes. Op internet kun je wel vinden wat goede champagne-jaren zijn. Als de champagne van druiven uit één jaar is gemaakt, noem je dit een millésimé champagne. Soms ook is de champagne gemaakt van druiven uit verschillende jaren. Zo’n champagne heet NV, non-vintage champagne.

“En als we nu moeten gaan kiezen?”

“Lieffie, doe es rustig. Ik vind het hartstikke interessant allemaal.”

“Er zijn veel soorten champagne. Er wordt onderscheid gemaakt tussen extra-brut, brut, sec, demi-sec, doux, brut sans millésime, blancs de blancs, blanc de noirs, crémant, rosé, millésime en cuvée prestige. Extra-brut champagne is erg droog. Die is geschikt voor mensen die ook van erg droge wijnen houden. Voor een grote groep mensen zou ik die geloof ik niet kiezen. Brut champagne is behoorlijk gangbaar. Bij sec zijn er al wat meer suikers toegevoegd, maar de champagne is nog steeds niet echt zoet. Demi-sec is een zoete champagne. De meeste dames houden daar wel van, als ik dat mag zeggen. Doux is echt heel zoet.’

“Voor die vriendinnen van jou zouden we die doux moeten hebben. Maar misschien past brut beter bij de rest.”

“Ja, dat denk ik ook. En hoe smaakt Blanc de blancs bijvoorbeeld?”


“Dat ligt er een beetje aan of het een jonge, of een meer belegen champagne is. Jonge Blanc des Blancs smaakt bijvoorbeeld goed bij vis, maar is ook wel geschikt als aperitiefje. Vaak proef je er citrusvruchten in. Een wat oudere Blanc des blancs is wat sterker van smaak.
De meeste Blanc des noirs champagnes zijn helemaal gemaakt van Pinot Noir-druiven. Vaak smaken ze naar rode vruchten en er zitten ook wel bloemengeuren in. Ze zijn wat uitgesprokener en krachtiger dan die Blanc des blancs. Als je ze met eten wil combineren, dan kun je dat doen met vlees, bepaalde salades, maar ook wel met sommige desserts.
Er zijn ook rosé champagnes. Ze zijn misschien wat minder bekend, maar dat is onterecht. Soms wordt de rosé gemaakt door voor een deel Pinot noir-druiven toe te voegen. Soms ook gist men de schillen van de Pinot Noir druiven mee. Dat betekent dat de champagne wat meer karakter krijgt. Soms wordt’ie ook een beetje bitterder. Maar ook daarbij geldt: proef ze eens. Rosé champagnes zijn er in alle soorten en maten. Je kunt ze overal bij serveren, en ze gaan in ieder geval goed samen met vis. De wat toegankelijkere rosés zijn heel geschikt voor een receptie. Zoetere rosés kun je bijvoorbeeld heel goed schenken bij bruidstaart met marsepein. Misschien voor jullie wel interessant!”

“O, nou, da’s in ieder geval goed om te weten. Wat fijn dat u er zoveel vanaf weet. Maar we weten eigenlijk nog niet of we op de receptie taart doen of hartige hapjes.”

“Hoe dan ook, kies iets wat je zelf lekker vindt, maar als je veel gasten hebt misschien niet een uiterste. Dus niet iets heel zoets of iets heel droogs. Binnen de brut champagnes zijn er heel veel mogelijkheden. Met een rosé champagne kun je ook alle kanten uit en je bent misschien nét iets origineler. Bedenk je daarnaast dat oudere champagnes vaak wat voller en uitgesprokener van smaak zijn dan jonge. Daarbij moet je er goed over nadenken waar je de champagne mee combineert: zorg ervoor dat de drank niet verloren gaat bij een heel heftig gerecht, of andersom, dat je het gerecht nog wel proeft naast een misschien krachtige champagne.”

“Dus we moeten eigenlijk eerst bedenken wat we eten tijdens de receptie? Ik neig zelf toch naar de bruidstaart, lieffie…”

“Ja, dan kunnen we het mes daarna meteen gebruiken om de fles mee open te hakken! Want dat doen ze toch altijd?”

“Nou, eh… Daarvoor heb je eigenlijk een sabel nodig. Het klopt wel, hoor: soms wordt de fles opengeslagen door een sabreur. Maar dat is best lastig. Je moet er in geoefend zijn, en zowel sabel als fles moeten geschikt zijn. Je kunt vaak wel iemand inhuren die het voor je doet. Er is zelfs een genootschap, het Confrérie du Sabre d’Or, dat bestaat uit mensen die hierin gespecialiseerd zijn. Trouwens, als je dus kiest voor champagne bij de bruidstaart, zul je geneigd zijn om voor een wat zoetere champagne te kiezen. Maar kijk een beetje uit voor de demi-sec champagnes. De kwaliteit daarvan is niet altijd even hoog. Sommige producenten proberen de mindere kwaliteit van hun champagne te verdoezelen door een extra schep suiker toe te voegen.”

“Is goede champagne eigenlijk duur?”

 “Tja, je hoorde al dat het productieproces wat ingewikkelder is dan dat van wijn. Daarom zul je er rekening mee moeten houden dat champagne ook wat duurder is. Mocht je schrikken van de prijzen, kies dan liever voor een lekkere cava, een spumante of een mousserende wijn in plaats van voor een goedkope champagne…”

“Nou, daar moeten we dan nog maar eens over nadenken. Het lijkt me eigenlijk wel goed om een keer te proeven voordat we kiezen. Kan dat?”

“Ja hoor. Op internet kun je vast wel vinden waar champagne-proeverijen georganiseerd worden.”

“Oké. Lieffie, zullen we eerst gewoon een beetje rondkijken? Dan weten we een beetje wat er is en…”

“Champagne moet je trouwens wel uit een flûte drinken. Niet uit een wijnglas, en al helemáál niet uit een plastic beker. Da’s echt zonde.”

“Aha. Mogen we even kijken wat u allemaal heeft?”

“Ja, natuurlijk. Als je nog iets wil weten: vraag maar raak! Wisten jullie trouwens dat de druk in een champagnefles twee keer zo hoog is als die in een autoband?”

“Tjonge. Ongelooflijk. Vandaar dat die kurk altijd zo hard tegen het plafond knalt.”

“Ja, maar dat hoort niet zo. Als je de fles gaat openen, draai je eerst het omhulsel van ijzerdraad los. Daarna verwijder je de folie. Bij het openen kun je het beste de fles langzaam draaien, waarbij je hem in een hoek van ongeveer 45 graden houdt. Bij het openen moet je hem zachtjes laten sissen. Ploppen hoort dus eigenlijk helemaal niet. Maar als je de fles hebt geschud, is dat bijna onvermijdelijk. Dat komt natuurlijk door het koolzuur dat erin zit.”

“Nou, weer iets geleerd. Lieverd, zullen we dan nu even wat rondkijken?”

“Ja, da’s goed.”

“En wisten jullie dat er in een fles van 75 cl ongeveer 47 miljoen bubbeltjes zitten?”

“…”

“Ongelooflijk, hè? 47 miljoen! Als je de fles te lang open laat staan, gaan de bubbels er natuurlijk langzaam uit. Je kunt hem dus beter afsluiten. Als je hem tenminste niet in één keer opmaakt! Haha!

“Goh, u heeft in ieder geval een heel groot aanbod. Dank u voor alle informatie. We weten nu heel goed waar we op moeten letten. We gaan eerst maar eens nadenken over de receptie en het budget. Hartelijk dank.”

“Ja, dank u wel. We komen vast nog wel een keertje terug. Kom, lieverd.”

“En wisten jullie dat zestig procent van alle champagne in Nederland tijdens de feestdagen wordt gedronken? Zestig procent! Dat is veel hoor! En… O, nou, tot ziens. Dahaag.”
 
Eva Pelgrom
Vertaal- en Redactiebureau Pelgrom

0 REACTIE

Plaats je reactie of advies hieronder:
Je moet Ingelogd zijn om een reactie te plaatsen. Registreer je of Log in
PLAATS

       
 
 

 

Enquete

Hoe vaak zou je onze nieuwsbrief willen ontvangen?

  • Wekelijks
  • Tweewekelijks
  • Maandelijks

volg ons

facebook trouwen